Een paar pluimen in een vaas, een tafel dekken en wat kussens op de bank. Dat is voor veel mensen nog steeds het beeld bij verkoopstyling. Voor ons heeft het daar eigenlijk maar weinig mee te maken. Ik krijg er jeuk van.
Inhoudsopgave
- Mooi ingericht is niet hetzelfde als goed gepresenteerd
- Zichtlijnen bepalen hoe groot een huis voelt
- Iedere ruimte moet een duidelijke functie hebben
- Ons brein houdt van rust, maar niet van leegte
- Ook Feng Shui gaat verrassend vaak over logische indeling
- Licht is gratis vierkante meters
- Waarom dit uiteindelijk invloed heeft op de verkoopprijs
- Verkoopstyling is voor ons dus geen decoratie
Goede verkoopstyling begint veel eerder. We kijken hoe een huis wordt ervaren wanneer iemand voor het eerst binnenkomt. Welke ruimte trekt direct de aandacht? Waar loopt je blik naartoe? Zijn de functies van de kamers duidelijk? Kloppen de verhoudingen van de meubels? Komt het daglicht goed binnen en worden de mooiste eigenschappen van het huis eigenlijk wel gezien?
Het doel is niet om een huis zo gestyled mogelijk te laten lijken. Het doel is om het huis zo goed mogelijk te presenteren aan een zo groot mogelijke groep kopers. Want hoe meer mensen de kwaliteiten en potentie van een huis zien, hoe meer mensen zich er kunnen voorstellen dat ze er wonen. En hoe groter de groep serieuze geïnteresseerden wordt, hoe sterker uiteindelijk je uitgangspositie bij de verkoop.
Mooi ingericht is niet hetzelfde als goed gepresenteerd
Je richt je eigen huis in voor de manier waarop jij leeft. Misschien eet je altijd met zijn tweeën en staat er daarom een kleine tafel, terwijl er gemakkelijk een tafel voor acht personen past. De meeste mensen willen een zo’n groot mogelijke eettafel. Het gevoel dat alle vrienden en familie aan tafel passen. Misschien gebruik je een slaapkamer als opslagruimte of staat de bank op een plek die voor jou praktisch is, maar waardoor het zicht naar de tuin wordt geblokkeerd.
Daar is niets mis mee zolang je er woont. Bij verkoop kijken we alleen vanuit een ander perspectief. We willen laten zien wat een ruimte kan zijn en hoeveel mogelijkheden een huis heeft.
Daarom halen we soms meubels weg, maar voegen we soms juist iets toe. Een te volle kamer kan kleiner lijken, maar een bijna lege kamer kan hetzelfde effect hebben omdat een koper geen referentie heeft voor de schaal. De koper kan dan niet goed inschatten wat er past en wat niet. Er is dan geen goed gevoel bij de verhoudingen. Een goede meubelopstelling helpt je hersenen begrijpen hoe groot een ruimte is en welke functies erin passen.
Dat is ook een belangrijk uitgangspunt van Frida Ramstedt. In haar boek The Interior Design Handbook (dikke tip) legt ze niet zozeer uit welke spullen je moet kopen, maar vooral waarom een interieur in balans voelt. Verhoudingen, schaal, loopruimte, verlichting en de relatie tussen meubels zijn belangrijker dan trends of accessoires. Wij gebruiken de principes van haar boek voor de perfecte styling. Dat gaat niet altijd over het meest trendy huis. Maar wel over een huis wat klopt en in balans is. Al is het nog steeds zo dat hoe meer VT-wonen je huis is, hoe beter het verkoopt.
Zichtlijnen bepalen hoe groot een huis voelt
In de interieurleer noemen we dat zichtlijnen en looplijnen. Door meubels, verlichting en styling bewust te plaatsen kun je een blik sturen, diepte benadrukken en een ruimte groter of juist intiemer laten voelen. Lege stukken zijn daarbij net zo belangrijk als gevulde stukken. Ze zorgen voor overgang, beweging, ritme en rust.
Kijk maar eens wat je ziet wanneer je een woonkamer binnenloopt. Kijk je rechtstreeks naar de tuin, een mooie schouw of het licht aan de andere kant van de ruimte, dan wordt je blik als vanzelf verder de kamer ingetrokken. Staat er midden in die zichtlijn een hoge kast of de rug van een bank, dan stopt dat effect. Hierdoor benut je de ruimte niet optimaal.
Daarom kan het verplaatsen van één meubel soms meer doen dan een compleet nieuwe inrichting. In kleinere ruimtes houden we belangrijke zichtlijnen graag vrij en proberen we zoveel mogelijk daglicht binnen te laten. Ook de verhouding tussen meubels en de ruimte speelt mee. Te grote meubels kunnen een kamer dichtdrukken, terwijl heel veel kleine meubels juist voor onrust zorgen.
Iedere ruimte moet een duidelijke functie hebben
Een koper heeft tijdens een bezichtiging maar beperkt de tijd om een huis te begrijpen. Hoe minder hij zelf hoeft uit te puzzelen, hoe beter.
Een kleine kamer vol dozen is op papier misschien een slaapkamer, maar wordt niet automatisch zo ervaren. Zet er een goed formaat bed in en ineens ziet iemand een kinderkamer of logeerkamer. Niet voor niets hebben wij allerlei kleine meubels om een huis net dat beetje extra te geven. Een fake tweepersoonsbed, een bureautje, nachtkastjes etc. Een verloren hoek kan met een bureau laten zien dat thuiswerken prima mogelijk is. Een grote open ruimte kan door de juiste meubelopstelling ineens duidelijk laten zien waar wonen, eten en koken plaatsvinden.
We proberen dus niet iedere vierkante meter vol te zetten. We willen vooral dat iedere vierkante meter een logisch verhaal vertelt. Zo laten we zien dat je met de schaarse ruimte die we in Utrecht hebben wel zo optimaal mogelijk kunt wonen.
Dat is ook waarom we bij de voorbereiding kijken naar lichtinval, bestaande functies, meubels, opvallende elementen en de sterke en zwakke punten van een ruimte. Zo kun je juist de onderdelen benadrukken die een huis bijzonder maken.
Ons brein houdt van rust, maar niet van leegte
Hier wordt verkoopstyling ook interessant vanuit neuromarketing. Ons brein scant een ruimte razendsnel en probeert orde te maken van alles wat het ziet. Hoe meer concurrerende prikkels er zijn, hoe meer informatie er verwerkt moet worden. Onderzoek naar ruimtelijke beleving laat zien dat te hoge visuele complexiteit de cognitieve belasting kan verhogen, terwijl een bepaalde hoeveelheid decoratie juist bijdraagt aan aantrekkelijkheid.
Dat is precies de balans die we zoeken. Een compleet leeg en kil huis helpt meestal niet, maar een ruimte waarin ieder oppervlak volstaat ook niet. Te veel felle kleuren zorgen voor onrust. Maar een heel beige interieur is te saai.
Daarom groeperen we accessoires liever dan ze overal te verspreiden en werken we met verschillende hoogtes, materialen en vormen. Een aantal zorgvuldig gekozen elementen geeft vaak meer rust en sfeer dan twintig losse accessoires.
Ook kijken we naar dingen als bijvoorbeeld hoge dinerkaarsen. Onze hersens weten hoe hoog die zijn en rekenen automatisch die afstand uit. Het kan dus slim zijn om mooie hoge kaarsen onder een lamp te plaatsen op tafel. Dan weten onze hersens automatisch dat er voldoende hoogte is.
Pas daarna komen de bloemen, kussens en eventueel dat mooie schaaltje op tafel. Niet als trucje, maar als laatste laag voor een extra beetje sfeer en gezelligheid.
Ook Feng Shui gaat verrassend vaak over logische indeling
Feng Shui klinkt misschien wat verder verwijderd van makelaardij, maar een aantal principes sluit opvallend goed aan bij goede ruimtelijke indeling. De mensen die mij beter kennen weten dat ik super nuchter ben. Maar door mijn ziek zijn ben ik echt alle alternatieve routes gaan bewandelen. Mijn liefste Chinese massage dames vertelde hier een keer over en ben mij hier in gaan verdiepen.
Later tijdens een bezichtiging was er een dame die zelfs met een Feng Shui Kompas rondliep. Dat gaat voor veel mensen misschien een beetje ver. Maar veel principes zul je begrijpen en daar voel je direct dat het werkt.
Vrije looproutes, een duidelijke entree, overzicht vanuit belangrijke zitplekken en het vermijden van blokkades spelen er allemaal een rol in.
De zogenoemde commanding position is daar een bekend voorbeeld van. Daarbij wordt een bed, bureau of zitplek zo geplaatst dat je de entree kunt zien zonder recht in de deuropening te zitten, liefst met een stabiele achtergrond achter je. Binnen Feng Shui wordt dat gekoppeld aan rust en overzicht.
Wij hoeven dat niet per se Feng Shui te noemen om hetzelfde effect te herkennen. Een bank die met zijn rug naar de ingang staat kan een ruimte afsluiten, terwijl een andere positie juist verbinding kan maken tussen woonkamer, keuken en tuin. Een entree die volstaat met jassen en schoenen voelt kleiner en minder uitnodigend dan een entree waarin je direct verder het huis in kunt kijken.
Zo geven we bijvoorbeeld vaak de tip om de jassen aan de kapstok op een kleerhanger te hangen. Hierdoor kom je al een stuk ruimtelijker en rustiger binnen.
Licht is gratis vierkante meters
Bijna dan. Licht bepaalt enorm hoe we een ruimte ervaren. Natuurlijk licht beïnvloedt hoe groot een kamer voelt, hoe kleuren overkomen en waar onze aandacht naartoe gaat. Daarom kijken we bij verkoopstyling niet alleen naar meubels, maar ook naar raambekleding, vensterbanken en alles wat licht of een zichtlijn blokkeert.
Een donkere kamer proberen we niet op te lossen door simpelweg overal lampen aan te zetten. Sterker nog, met lampen aan lijkt het vaak nog donkerder. Soms helpt het al enorm om zware gordijnen verder open te hangen, een meubel voor het raam te verwijderen of een donkere hoek bewust mee te nemen in de verlichting. Je hebt speciale daglichtlampen wat echt een ander effect geeft.
Ook materiaal speelt daarin mee. Gladde en lichte oppervlakken reflecteren licht, terwijl matte, zachte materialen juist meer warmte en geborgenheid geven. Een goede ruimte heeft meestal beide nodig.
Waarom dit uiteindelijk invloed heeft op de verkoopprijs
Een mooie foto alleen levert geen hogere verkoopprijs op. Zo simpel is het niet. Maar de presentatie beïnvloedt wel hoeveel mensen enthousiast worden over een huis.
En dat begint al voordat iemand binnen is geweest. Iemand ziet een huis op Funda, bekijkt de foto’s en besluit binnen een paar seconden of hij verder wil kijken. Daarna moet het huis tijdens de bezichtiging hetzelfde gevoel bevestigen. Als ruimtes logisch zijn, kwaliteiten direct zichtbaar zijn en iemand zichzelf er gemakkelijk ziet wonen, vergroot je de kans dat hij serieus geïnteresseerd raakt.
Daar zit voor ons de echte waarde van verkoopstyling. Een sterke verkoop ontstaat niet pas wanneer de biedingen binnenkomen. Je bouwt je onderhandelingspositie al op in alles wat daarvoor gebeurt. De vraagprijs, presentatie, fotografie, tekst, bezichtiging en styling bepalen samen hoeveel mensen jouw huis willen hebben.
En met één geïnteresseerde kun je heel goed onderhandelen, maar meerdere enthousiaste kopers geven een totaal andere positie.
Dat past ook bij de onderhandelingsgedachte van Chris Voss met het boek: Deel nooit het verschil. Een favoriet van ons allemaal. Hij zegt: ‘Zorg eerst dat je positie sterk is voordat je gaat onderhandelen. Je wilt niet aan het einde ergens het verschil hoeven delen omdat je aan het begin onvoldoende vraag hebt gecreëerd.’
Verkoopstyling is voor ons dus geen decoratie
We willen niet dat iemand tijdens een bezichtiging denkt: wat een leuke vaas. (Oké, dat is ook leuk) We willen dat iemand denkt: wat een fijne woonkamer, wat is dit huis verrassend ruim en hier zie ik mezelf wonen.
Daarom kijken we naar functies, zichtlijnen, looproutes, licht, schaal, verhoudingen en rust. We halen weg wat afleidt en voegen toe wat helpt om een ruimte beter te begrijpen. Het karakter van een huis blijft juist belangrijk, want een huis hoeft niet beige en onpersoonlijk te worden om een grote doelgroep aan te spreken.
De kunst is om te laten zien wat er al is. Want uiteindelijk verkopen we geen interieur. We zorgen ervoor dat zoveel mogelijk kopers begrijpen waarom juist dit huis bijzonder is. En hoe meer kopers dat zien en voelen, hoe groter de kans op de beste verkoopprijs.
Verkoopstyling is bij ons altijd inbegrepen. Je krijgt na de kennismaking een stylingplan per ruimte met onze tips. Bij het maken van de foto’s is er altijd een makelaar aanwezig die helpt met de puntjes op de i zetten en die voldoende items mee heeft om jouw huis helemaal af te maken, zodat we de woning zo goed mogelijk presenteren. Wil jij weten wat we bij jou zouden aanpassen voor de beste presentatie voor de verkoop van jouw huis? Leuk! Dan komen we graag langs.



